Bieslelie (Sisyrinchium striatum)-image

Bieslelie (Sisyrinchium striatum)

  • Plantomschrijving
  • Details

Bieslelie (Sisyrinchium striatum) is een opvallende vaste plant met stijve, zwaardvormige grijsgroene bladeren en lange bloemstengels vol zacht crèmegele bloemen. Door het rechtopstaande blad lijkt de plant buiten de bloeitijd enigszins op een kleine iris. Vanaf het late voorjaar verschijnen echter de verfijnde bloemen, waardoor de plant een heel ander karakter krijgt.

De bloemstengels worden ongeveer 50 tot 80 cm hoog en dragen meerdere groepjes kleine, stervormige bloemen. Opvallend zijn de donkere paarsbruine lengtestrepen aan de achterzijde van de bloembladen. Bovendien zaait bieslelie zich op een geschikte standplaats gemakkelijk uit.

Sisyrinchium striatum houdt vooral van zon en een goed doorlatende bodem. Daardoor is de plant bijzonder geschikt voor grindtuinen, zonnige borders en natuurlijke beplantingen waarin de strakke bladstructuur een mooi contrast vormt met lossere vaste planten.


Maak een schetsafspraak

Heeft u hulp nodig bij het maken van een tuinontwerp en/of het samenstellen van een beplantingsplan? Maak dan een afspraak met de Schetsservice!


1. Herkomst en naamverklaring van bieslelie (Sisyrinchium striatum)

Bieslelie (Sisyrinchium striatum) behoort tot de lissenfamilie (Iridaceae). De botanische soort komt van nature voor in Zuid-Amerika. Kew vermeldt Centraal-Chili en delen van westelijk Argentinië als het oorspronkelijke verspreidingsgebied.

Daar groeit de soort onder andere in graslanden, open vegetaties en lichte bosgebieden. De plant groeit vanuit korte wortelstokken en vormt stevige pollen van zwaardvormige bladeren.

De geslachtsnaam Sisyrinchium is afkomstig van een oude Griekse plantennaam. Welke plant de oude Grieken hiermee precies bedoelden, staat echter niet vast. Daarom is een verdere letterlijke naamverklaring onzeker.

De soortnaam striatum betekent gestreept. Deze naam verwijst naar de donkere paarsbruine lengtestrepen die vooral aan de achterzijde van de lichtgele bloembladen zichtbaar zijn.

De Nederlandse naam bieslelie verwijst waarschijnlijk naar het smalle, rechtopstaande en enigszins biesachtige blad in combinatie met het irisachtige uiterlijk. Botanisch is de plant echter geen lelie. Hij behoort net als de iris tot de Iridaceae.

De Britse botanicus James Edward Smith beschreef Sisyrinchium striatum in 1792. De naam geldt volgens Kew nog steeds als geaccepteerde botanische naam.


2. Algemene informatie over bieslelie (Sisyrinchium striatum)

Wetenschappelijke naam: Sisyrinchium striatum
Nederlandse naam: bieslelie
Plantenfamilie: Iridaceae
Planttype: wortelstokvormende, kruidachtige vaste plant
Herkomst botanische soort: Centraal-Chili en westelijk Argentinië
Hoogte: ongeveer 50–80 cm tijdens de bloei
Bladhoogte: ongeveer 30–45 cm
Breedte: ongeveer 30–50 cm
Plantdichtheid: circa 9 planten per m²
Groeiwijze: rechtopgaand, polvormend en geleidelijk verbredend
Groeisnelheid: gemiddeld
Standplaats: volle zon, eventueel lichte halfschaduw
Bodem: goed doorlatend, licht vochthoudend tot eerder droog; zand-, leem- en kalkhoudende grond zijn geschikt
Zuurgraad: zuur, neutraal tot kalkhoudend
Blad: stijf, lijn- tot zwaardvormig en in waaiervormige pollen gerangschikt
Bladkleur: grijsgroen tot blauwgroen
Wintergroen: halfwintergroen; tijdens strengere winters kan het blad grotendeels afsterven
Bloeiperiode: mei–juli
Bloemkleur: crèmegeel tot lichtgeel met een donkerder geel hart en paarsbruine strepen
Bloemvorm: kleine, ster- tot komvormige bloemen met zes puntige bloembladen
Bloemstengels: stijve, afgeplatte en rechtopstaande stengels met meerdere groepjes bloemen langs het bovenste gedeelte
Winterhardheid: redelijk winterhard; vooral gevoelig voor een combinatie van strenge vorst en natte wintergrond
RHS-winterhardheid: H4, ongeveer -10 tot -5 °C
Wintervocht: gevoelig voor langdurig natte grond; scherpe drainage is vooral in de winter belangrijk
Vermeerdering: zaaien of delen; de plant zaait zich op geschikte plaatsen gemakkelijk spontaan uit
Toepassing: zonnige border, grindtuin, rotstuin, natuurlijke tuin, cottagegarden, groepsbeplanting en grote plantenbak


3. Uiterlijk en kenmerken van bieslelie (Sisyrinchium striatum)

Bieslelie vormt een rechtopstaande pol van stijve, smalle bladeren. De bladeren staan grotendeels vanuit de basis in waaiervormige groepen. Daardoor lijkt de plant zonder bloemen sterk op een kleine iris.

Het blad bereikt ongeveer 30 tot 45 cm hoogte. Vanuit deze bladpol groeien in het late voorjaar stevige bloemstengels omhoog. Tijdens de bloei bereikt een volwassen plant meestal ongeveer 50 tot 80 cm.

De bloemstengels zijn afgeplat en relatief stijf. Langs het bovenste deel ontwikkelen zich verschillende groepjes bloemknoppen. Daardoor verschijnen de bloemen niet uitsluitend boven aan de stengel, maar verdeeld over een langer gedeelte.

De plant groeit vanuit korte wortelstokken en vormt geleidelijk grotere pollen. Daarnaast kan Sisyrinchium striatum zich gemakkelijk uitzaaien. Hierdoor kunnen na enkele jaren jonge planten op enige afstand van de oorspronkelijke pol verschijnen.

Een afzonderlijke bladrozet kan na de bloei achteruitgaan. Tegelijk vormen zich vanuit de basis nieuwe rozetten en kunnen zaailingen de beplanting aanvullen.

Juist de combinatie van stijve verticale bladeren en luchtige bloemstengels geeft bieslelie een duidelijk architecturaal karakter.


4. Blad en sierwaarde van bieslelie (Sisyrinchium striatum)

Het blad vormt een belangrijk onderdeel van de sierwaarde. De bladeren zijn lang, smal en opvallend stijf. Ze groeien rechtop vanuit de basis en staan vaak in waaiervormige groepen.

De kleur varieert van grijsgroen tot blauwgroen. Daardoor combineert het blad gemakkelijk met zowel helder groene vaste planten als soorten met zilvergrijs blad.

De bladeren zijn duidelijk breder en steviger dan het grasachtige blad van veel andere Sisyrinchium-soorten. Hierdoor doet een volwassen pol sterk aan een kleine iris denken.

RHS beschrijft het blad als halfwintergroen. In een zachte winter kan daarom een aanzienlijk deel aanwezig blijven. Strenge vorst, koude wind en vooral een natte bodem kunnen er echter voor zorgen dat het blad grotendeels zwart wordt of afsterft.

Verwijder beschadigd en zwart geworden blad pas wanneer dat nodig is. Vanuit de basis verschijnt vervolgens weer nieuwe groei.

Ook zonder bloemen geeft de plant door zijn verticale bladstructuur een duidelijk accent. Vooral tussen lage, losse bodembedekkers of fijnbladige planten valt de strakke vorm sterk op.


5. Bloei van bieslelie (Sisyrinchium striatum)

Bieslelie bloeit voornamelijk van mei tot juli. De exacte bloeitijd hangt af van standplaats en voorjaarstemperaturen. Nederlandse kwekers noemen vooral mei tot juli, terwijl de hoofdbloei vaak in mei en juni valt.

De bloemen verschijnen in groepjes langs stevige, rechtopstaande bloemstengels. Iedere bloem is relatief klein en bestaat uit zes puntige bloembladen die samen een open ster- tot komvorm vormen.

De bloemkleur is crèmegeel tot bleek botergeel. Rond het centrum wordt het geel wat sterker. Daardoor krijgen de bloemen ondanks hun zachte kleur voldoende contrast.

Een bijzonder detail bevindt zich aan de achterzijde van de bloembladen. Daar lopen donkere paarsbruine strepen in de lengterichting. De soortnaam striatum verwijst rechtstreeks naar deze karakteristieke tekening.

Niet alle bloemen aan één stengel openen tegelijkertijd. Daardoor kan een bloemstengel gedurende langere tijd nieuwe bloemen produceren. Een volwassen pol krijgt zo wekenlang verspreid nieuwe lichtgele accenten.

Na de bloei ontstaan donkere zaaddozen met zaden. Wanneer je de bloemstengels laat staan, kan bieslelie zich rijkelijk uitzaaien. Wil je dat beperken, knip de uitgebloeide stengels dan weg voordat de zaden rijpen.


6. Standplaats en bodem voor bieslelie (Sisyrinchium striatum)

Bieslelie groeit het best op een warme plek in de volle zon. Voldoende zon zorgt voor stevige bladeren, compacte pollen en een goede bloei. Lichte halfschaduw is mogelijk, maar op een te donkere standplaats neemt de bloei af.

De bodem moet vooral goed doorlatend zijn. Sisyrinchium striatum groeit goed op zand- en leemgrond en verdraagt ook kalkhoudende grond. De plant houdt van een licht vochthoudende bodem tijdens het groeiseizoen, maar overtollig water moet gemakkelijk kunnen wegzakken.

Vooral in de winter vormt langdurig natte grond een risico. De combinatie van kou en veel bodemvocht kan wortelrot veroorzaken en vermindert de winterhardheid. Verbeter daarom zware of verdichte grond voordat je bieslelie plant.

Op zware kleigrond kun je grof organisch materiaal gebruiken om de structuur te verbeteren. Op zandgrond helpt compost juist om tijdens het groeiseizoen wat meer vocht en voedingsstoffen vast te houden.

De zuurgraad is weinig kritisch. Bieslelie groeit op zure, neutrale en kalkhoudende grond. De drainage en zonnige ligging zijn belangrijker dan een specifieke pH-waarde.

Geef jonge planten tijdens langdurige droge perioden extra water. Eenmaal goed geworteld kan bieslelie tijdelijke droogte redelijk verdragen. Vermijd zware bemesting, want op zeer voedselrijke grond kan de groei te weelderig worden.


7. Toepassing en combinaties met bieslelie (Sisyrinchium striatum)

Bieslelie is vooral geschikt voor zonnige beplantingen waarin een opvallende verticale bladstructuur gewenst is. De stijve grijsgroene bladeren vormen een mooi contrast met planten die zachter, ronder of meer overhangend groeien.

Met een bloeihoogte van ongeveer 50 tot 80 cm past Sisyrinchium striatum goed vooraan tot midden in een border. Daarnaast komt de plant mooi tot zijn recht in grindtuinen en natuurlijke beplantingen met een relatief droge uitstraling.

Geschikte combinatieplanten zijn onder andere:

  • vrouwenmantel (Alchemilla erythropoda) – de geelgroene bloemwolken sluiten mooi aan bij de lichtgele bloemen en verzachten de stijve bladstructuur;
  • kattenkruid (Nepeta) – de blauwviolette bloemen zorgen voor een duidelijk kleurcontrast met het crèmegeel van bieslelie;
  • ooievaarsbek (Geranium) – vult de ruimte rond de rechtopstaande pollen en geeft een lossere bloemvorm;
  • salie (Salvia nemorosa) – combineert paarse bloemaren met de verticale structuur van de bieslelie;
  • duizendblad (Achillea) – de vlakke bloemschermen vormen een sterk contrast met de stijve bladeren en kleine sterbloemen;
  • prachtkaars (Gaura lindheimeri) – geeft luchtige bloemen rond de veel strakkere pollen van bieslelie;
  • vedergras (Stipa tenuissima) – voegt beweging en een fijne grasstructuur toe;
  • ezelsoor (Stachys byzantina 'Big Ears') – combineert zacht zilvergrijs blad met het blauwgroene, stijve blad van bieslelie.

De zachtgele bloemen combineren gemakkelijk met blauw, violet, wit en zilvergrijs. Daardoor past bieslelie zowel in een ingetogen natuurlijke border als in een zonnige beplanting met sterkere kleurcontrasten.

Ontwerptip: ik gebruik bieslelie graag in kleine herhaalde groepen tussen lossere vaste planten. De stijve bladwaaiers keren dan op verschillende plaatsen terug en geven structuur, terwijl de lichtgele bloemen het geheel niet te zwaar maken.


8. Groeiwijze en onderhoud van bieslelie (Sisyrinchium striatum)

Bieslelie groeit polvormend vanuit korte wortelstokken. De afzonderlijke bladwaaiers staan dicht bij elkaar en vormen geleidelijk een bredere pol. Daarnaast kan de plant zich gemakkelijk uitzaaien wanneer de omstandigheden geschikt zijn.

De soort vraagt weinig onderhoud. Verwijder tijdens of na de bloei lelijk en zwart geworden blad. Ook volledig uitgebloeide bloemstengels kun je wegnemen wanneer je een netter beeld wilt.

Wil je spontane zaailingen voorkomen, knip de bloemstengels dan af voordat de zaaddozen volledig rijpen. Laat je ze staan, dan kunnen rondom de moederplant nieuwe exemplaren verschijnen.

Tijdens zachte winters blijft een deel van het blad groen. Na strengere vorst kan het blad echter bruin of zwart worden. Verwijder beschadigd blad in het voorjaar, zodat nieuwe scheuten voldoende ruimte krijgen.

Bemesting is nauwelijks nodig. Een dunne laag compost in het voorjaar is op arme grond voldoende. Te veel voeding kan een weelderige groei stimuleren die minder goed past bij het natuurlijke karakter van de plant.

Oudere pollen kun je in het voorjaar delen. Dat houdt de plant vitaal en voorkomt dat een grote pol in het midden minder aantrekkelijk wordt.


9. Vermeerdering van bieslelie

Bieslelie kun je zowel door delen als door zaaien vermeerderen. Beide methoden zijn goed bruikbaar bij de botanische soort Sisyrinchium striatum.

Delen is de eenvoudigste methode wanneer je een bestaande pol wilt vermeerderen. Graaf de plant in het voorjaar voorzichtig op en verdeel de wortelkluit in meerdere stukken. Zorg dat ieder deel voldoende gezonde wortels en enkele sterke bladwaaiers heeft.

Plant de delen vervolgens direct opnieuw op dezelfde diepte. Geef na het planten voldoende water, zodat de grond goed rond de wortels aansluit.

Zaaien gaat eveneens gemakkelijk, hoewel de kieming soms traag en onregelmatig verloopt. Zaai bij voorkeur in het voorjaar en bedek de zaden slechts licht. De RHS vermeldt dat kieming bij ongeveer 13–18 °C zelfs tot een jaar kan duren.

In de tuin zaait bieslelie zich vaak spontaan uit. Laat daarvoor enkele rijpe zaaddozen aan de plant zitten. Jonge zaailingen kun je later voorzichtig verplaatsen.

Bij cultivars gebruik je bij voorkeur delen, zodat de specifieke blad- en bloemeigenschappen behouden blijven.


10. Verwante soorten en cultivars van Sisyrinchium

Onderstaande soorten en cultivars worden regelmatig of recent in Nederland en België gekweekt of verkocht.

  • Sisyrinchium striatum – de botanische soort; een polvormende bieslelie met grijsgroen zwaardvormig blad en crèmegele bloemen met donkere lengtestrepen.
  • Sisyrinchium striatum 'Aunt May' – bontbladige cultivar met grijsgroen blad dat langs de randen crèmekleurig is en lichtgele bloemen; blijft met ongeveer 30 tot 50 cm compacter dan de botanische soort.


11. Bieslelie (Sisyrinchium striatum) en biodiversiteit

Bieslelie draagt tijdens de bloei bij aan de variatie in een insectvriendelijke tuin. De open, stervormige bloemen zijn gemakkelijk toegankelijk voor kleine bestuivende insecten. Daardoor kunnen onder andere bijen en zweefvliegen de bloemen bezoeken.

De bloei valt vooral in mei, juni en juli. Daarmee sluit Sisyrinchium striatum goed aan op voorjaarsbloeiers en planten die later in de zomer bloeien. Combineer verschillende bloeiperioden om gedurende een langer deel van het seizoen voedsel voor insecten beschikbaar te houden.

Ook de polvormende groei zorgt voor structuur dicht bij de bodem. Tussen de stijve bladeren kunnen kleine insecten beschutting vinden. Bovendien kunnen spontane zaailingen bijdragen aan een natuurlijker en gevarieerder plantbeeld.

Na de bloei ontstaan zaaddozen. Laat je enkele bloemstengels staan, dan kunnen de zaden rijpen en zich verspreiden. Zo kan bieslelie zichzelf op geschikte plekken in de tuin verjongen.

Voor een grotere biodiversiteitswaarde combineer je bieslelie met nectar- en stuifmeelrijke vaste planten die vóór, tijdens en na de bloeiperiode bloemen produceren.


12. Problemen en ziekten bij deze bieslelie

Bieslelie (Sisyrinchium striatum) is doorgaans vrij van ernstige plagen. Op een zonnige standplaats met goed doorlatende grond blijft de plant meestal gezond en vraagt hij weinig extra verzorging.

Wortelrot vormt het belangrijkste ziekteprobleem. Dit ontstaat vooral wanneer de wortels langdurig in natte en zuurstofarme grond staan. Vooral tijdens koude winters kan de combinatie van lage temperaturen en veel bodemvocht problemen veroorzaken.

Zorg daarom voor een goede drainage. Op zware kleigrond is het verstandig om de bodemstructuur vóór het planten te verbeteren. Vermijd daarnaast laaggelegen plekken waar regenwater langdurig blijft staan.

Na een natte of koude winter kan een deel van het blad bruin of zwart verkleuren. Verwijder beschadigde bladeren in het voorjaar zodra de nieuwe groei zichtbaar wordt.

Bieslelie kan zich rijkelijk uitzaaien. In een natuurlijke tuin is dat vaak aantrekkelijk, maar in een strakker plantvak kunnen te veel zaailingen ongewenst zijn. Knip de uitgebloeide bloemstengels dan af voordat de zaaddozen rijpen.

Oudere pollen kunnen na verloop van tijd minder rijk bloeien. Deel ze dan in het voorjaar en plant de gezonde delen opnieuw uit.


13. Veelgestelde vragen over bieslelie (Sisyrinchium striatum)

Hoe hoog wordt bieslelie (Sisyrinchium striatum)?

Bieslelie wordt tijdens de bloei meestal ongeveer 50 tot 80 cm hoog. De stijve bladpol blijft met ongeveer 30 tot 45 cm duidelijk lager dan de bloemstengels.

Wanneer bloeit bieslelie?

Bieslelie bloeit meestal van mei tot juli. De hoofdbloei valt vaak in mei en juni, terwijl later nog nieuwe bloemen aan de stengels kunnen verschijnen.

Is bieslelie winterhard?

Bieslelie heeft volgens de RHS winterhardheidsklasse H4, ongeveer -10 tot -5 °C. Vooral een goed doorlatende winterbodem is belangrijk, omdat de plant slecht reageert op de combinatie van vorst en langdurig natte grond.

Is bieslelie wintergroen?

Bieslelie is halfwintergroen. In zachte winters blijft een deel van het grijsgroene blad aanwezig. Tijdens strengere winters kan het blad grotendeels afsterven en in het voorjaar opnieuw uitlopen.

Welke standplaats heeft bieslelie nodig?

Bieslelie groeit het best in de volle zon. Een warme en lichte standplaats bevordert zowel de stevigheid van het blad als een rijke bloei. Lichte halfschaduw is mogelijk, maar geeft meestal minder bloemen.

Welke bodem heeft bieslelie nodig?

Sisyrinchium striatum groeit het best in een goed doorlatende bodem die tijdens het groeiseizoen licht vochthoudend mag zijn. Vooral in de winter moet overtollig regenwater gemakkelijk kunnen wegzakken.

Zaait bieslelie zichzelf uit?

Ja. Bieslelie kan zich op een geschikte standplaats gemakkelijk uitzaaien. Wil je spontane zaailingen beperken, verwijder dan de bloemstengels voordat de zaaddozen volledig rijp zijn.

Wanneer moet bieslelie worden teruggeknipt?

Verwijder uitgebloeide bloemstengels wanneer je uitzaaien wilt voorkomen. Bruin of beschadigd blad kun je in het voorjaar wegnemen. Gezond groen blad hoeft niet automatisch te worden afgeknipt.

Is bieslelie aantrekkelijk voor insecten?

De open bloemen kunnen door verschillende kleine bestuivende insecten worden bezocht. Combineer bieslelie met andere nectar- en stuifmeelrijke planten om gedurende een langere periode voedsel in de tuin aan te bieden.

Kan bieslelie in een pot groeien?

Ja. Gebruik een ruime pot met een zeer goed doorlatend substraat en zorg voor voldoende zon. Vooral in de winter mag er geen water onderin de pot blijven staan.


14. Conclusie over bieslelie (Sisyrinchium striatum)

Bieslelie (Sisyrinchium striatum) is een karaktervolle vaste plant die vooral opvalt door zijn stijve grijsgroene blad en zachtgele zomerbloemen. De rechtopstaande bladwaaiers geven de plant een duidelijke architecturale structuur.

Vanaf mei verschijnen de crèmegele bloemen langs de hoge bloemstengels. De donkere paarsbruine strepen aan de achterzijde van de bloembladen geven daarbij een subtiel extra detail.

Een zonnige en vooral goed doorlatende standplaats vormt de belangrijkste voorwaarde voor een langdurig gezonde plant. Bieslelie verdraagt tijdelijke droogte redelijk goed, maar langdurig natte wintergrond kan wortelrot veroorzaken.

De plant vraagt weinig onderhoud en kan zichzelf gemakkelijk uitzaaien. Daardoor past hij bijzonder goed in natuurlijke borders en grindtuinen. Wie een strakker beeld wil, kan de uitgebloeide stengels verwijderen voordat het zaad rijpt.

In een beplantingsplan combineert bieslelie mooi met lossere vaste planten en siergrassen. Het stijve blad zorgt dan voor structuur, terwijl de lichtgele bloemen tussen blauwe, paarse, witte en zilvergrijze tinten rustig opvallen.

Met zijn lange sierperiode, bijzondere bladstructuur en gemakkelijke groei is bieslelie daarom een interessante plant voor zonnige borders waarin vorm en natuurlijke uitstraling minstens zo belangrijk zijn als uitbundige bloemkleur.


Maak een schetsafspraak

Heeft u hulp nodig bij het maken van een tuinontwerp en/of het samenstellen van een beplantingsplan? Maak dan een afspraak met de Schetsservice!

Plantcategorie Vaste plant
Plantgebruik: Cottagetuin,Moderne tuin,Patiotuin,Vaste plantenborder
Nederlandse naam: Bieslelie
Synoniem naam: Mini-iris
Plantenherkomst: Zuid-Amerika
Grondsoort: bodemvaag
Lichtbehoefte: zon
Bloeikleur: geel
Bloeiperiode: voorjaar
Planthoogte: 0.20-0.50 m
Bloemgeur: nee
Bladkleur: groen
Bladgrootte: middelgroot 5-20 cm
Wintergroen: nee
Herfstkleur: nee
Aantrekkelijk voor vogels: nee
Aantrekkelijk voor bijen, hommels en vlinders: ja
Winterhard: redelijk
Giftig voor mens en dier: nee
Plantbeschrijving : Bieslelie (Sisyrinchium striatum) is een opvallende vaste plant met stijve, zwaardvormige grijsgroene bladeren en lange bloemstengels vol zacht crèmegele bloemen.
Mestbehoefte: jaarlijks mesten
Vochtbehoefte: droog
Windbeschutting gewenst: ja
Aantal per m2: 9