Bellenplant (Fuchsia magellanica 'Riccartonii')

  • Plantomschrijving
  • Details

Bellenplant (Fuchsia magellanica 'Riccartonii') is een sterke, winterharde fuchsia met talloze sierlijke rood-paarse bloemen die maandenlang aan de overhangende twijgen verschijnen. De kleine hangende bloemen hebben karmijnrode kelkbladen en een donker violetpaarse kroon. Daardoor ontstaat een opvallend tweekleurig effect dat van juli tot ver in het najaar zichtbaar blijft.

In tegenstelling tot veel fuchsia's die vooral als kuip- of eenjarige zomerplant worden gebruikt, kan 'Riccartonii' op een geschikte standplaats gewoon in de volle grond overwinteren. De plant vormt uiteindelijk een forse, dicht vertakte struik. Bovendien kan hij in een zacht klimaat zelfs als informele bloeiende haag worden toegepast.

Door de lange bloeiperiode, losse struikvorm en goede winterhardheid is Fuchsia magellanica 'Riccartonii' bijzonder geschikt voor borders waarin ook laat in het seizoen veel kleur gewenst is. Vooral op een beschutte plek in zon of halfschaduw kan de struik jarenlang uitgroeien tot een opvallend onderdeel van de tuin.


Maak een schetsafspraak

Heeft u hulp nodig bij het maken van een tuinontwerp en/of het samenstellen van een beplantingsplan? Maak dan een afspraak met de Schetsservice!


1. Herkomst en naamverklaring van bellenplant (Fuchsia magellanica 'Riccartonii')

Bellenplant (Fuchsia magellanica 'Riccartonii') behoort tot de teunisbloemfamilie (Onagraceae). De botanische soort Fuchsia magellanica komt van nature voor in het gematigde zuiden van Zuid-Amerika. Het oorspronkelijke verspreidingsgebied loopt van Centraal- en Zuid-Chili tot Zuid-Argentinië.

Daar groeit Fuchsia magellanica als struik in een relatief koel en vochtig klimaat. De soort komt onder andere voor langs bosranden en in vochtige struwelen. Dat verklaart waarom deze fuchsia in de tuin goed groeit op een humusrijke bodem die voldoende vocht vasthoudt.

De geslachtsnaam Fuchsia eert de Duitse arts en botanicus Leonhart Fuchs, die leefde van 1501 tot 1566. De Franse botanicus Charles Plumier vernoemde het geslacht naar hem. De soortnaam magellanica verwijst naar de Straat van Magellaan in het zuiden van Zuid-Amerika, een gebied dat binnen het natuurlijke verspreidingsgebied ligt.

De geschiedenis van 'Riccartonii' gaat terug tot ongeveer 1830. Volgens historische bronnen ontstond de plant op het landgoed Riccarton bij Edinburgh in Schotland. Een tuinman met de achternaam Young wordt daarbij meestal als kweker of ontdekker genoemd.

De precieze afstamming is echter niet volledig opgehelderd. Lange tijd beschouwde men 'Riccartonii' als een vorm of cultivar van Fuchsia magellanica. Historische dendrologische bronnen wijzen er echter op dat de plant mogelijk een tuinhybride is. Toch accepteert de Royal Horticultural Society tegenwoordig de naam Fuchsia magellanica 'Riccartonii'. Daarom gebruiken we die naam ook voor deze plantenpagina.

De cultivarnaam 'Riccartonii' verwijst rechtstreeks naar Riccarton, waar deze winterharde fuchsia zijn oorsprong kreeg. Nadat kwekers in de negentiende eeuw ontdekten hoe goed de plant buiten kon overwinteren, verspreidde hij zich snel als tuinplant. Vooral in het zachte klimaat van Ierland en West-Brittannië groeide 'Riccartonii' uit tot een bekende haagplant.

De Nederlandse naam bellenplant verwijst naar de hangende, klok- of belvormige bloemen. Ook de naam fuchsia wordt in Nederland algemeen gebruikt.


2. Algemene informatie over bellenplant (Fuchsia magellanica 'Riccartonii')

Wetenschappelijke naam: Fuchsia magellanica 'Riccartonii'
Actuele RHS-notatie: Fuchsia magellanica 'Riccartonii'; door de RHS als geaccepteerde naam behandeld
Nederlandse naam: bellenplant, winterharde fuchsia
Plantenfamilie: Onagraceae
Planttype: bladverliezende tot in zachte winters gedeeltelijk bladhoudende heester
Herkomst botanische soort: Centraal- en Zuid-Chili tot Zuid-Argentinië
Hoogte: ongeveer 150–200 cm; onder zeer gunstige en zachte omstandigheden soms hoger
Breedte: ongeveer 100–150 cm
Plantdichtheid: circa 1–2 planten per m²; voor een haag ongeveer 2–3 planten per strekkende meter
Groeiwijze: stevig opgaand, bossig en dicht vertakt, met later licht overhangende twijgen
Groeisnelheid: snel
Standplaats: zon tot halfschaduw, bij voorkeur beschut tegen koude en uitdrogende wind
Bodem: vruchtbaar, humusrijk, vochthoudend maar goed doorlatend
Zuurgraad: zuur, neutraal tot kalkhoudend
Blad: klein, ovaal tot lancetvormig, tegenoverstaand of in kransen en fijn gezaagd
Bladkleur: donkergroen, soms met een lichte bronskleurige tint
Wintergroen: nee; in zeer zachte winters kan een deel van het blad behouden blijven
Bloeiperiode: juli–oktober, vaak tot de eerste stevige nachtvorst
Bloemkleur: karmijnrood tot scharlakenrood met een donker violetpaarse kroon
Bloemvorm: enkelvoudig en hangend, met een smalle rode bloembuis, vier uitstaande kelkbladen en een violetpaarse binnenkroon
Bloemstengels: fijne hangende bloemsteeltjes vanuit de bladoksels; de bloemen hangen afzonderlijk langs de jonge twijgen
Winterhardheid: goed tot zeer goed winterhard; bovengrondse scheuten kunnen tijdens strenge winters gedeeltelijk invriezen
RHS-winterhardheid: H6, ongeveer -20 tot -15 °C
Wintervocht: verdraagt normale wintervochtigheid, maar verlangt een goed doorlatende bodem; bescherm de wortelzone op koude standplaatsen met een mulchlaag
Vermeerdering: zachte stekken of halfverhoute stekken
Toepassing: heesterborder, gemengde border, cottagegarden, informele haag, kusttuin, natuurlijke tuin, beschutte stadstuin en grote plantenbak


3. Uiterlijk en kenmerken van bellenplant (Fuchsia magellanica 'Riccartonii')

Bellenplant 'Riccartonii' groeit uit tot een stevige, opgaande en rijk vertakte struik. Vanuit de basis ontstaan talrijke twijgen die aanvankelijk vrij recht omhoog groeien. Naarmate ze langer worden, buigen de uiteinden licht naar buiten. Daardoor krijgt de volwassen plant een losse maar toch volle struikvorm.

Op een gunstige standplaats bereikt de struik ongeveer 150 tot 200 cm hoogte. De RHS rekent 'Riccartonii' tot de hoogteklasse van 1,5 tot 2,5 meter. In Nederlandse en Belgische tuinen bepaalt vooral het winterklimaat hoeveel van de verhoute takken ieder jaar behouden blijft.

Tijdens een zachte winter kunnen veel stengels intact blijven. De struik groeit het volgende seizoen dan vanaf bestaande takken verder en kan daardoor behoorlijk groot worden. Na een strengere winter kunnen de bovengrondse delen gedeeltelijk of soms vrijwel volledig terugvriezen. Vanuit de basis ontstaan vervolgens nieuwe krachtige scheuten.

Deze eigenschap geeft 'Riccartonii' een bijzonder herstelvermogen. Zelfs wanneer de struik na de winter klein lijkt, kunnen nieuwe scheuten in één groeiseizoen opnieuw ruim een meter hoog worden.

De jonge twijgen hebben vaak een roodachtige kleur. Daarlangs staan kleine donkergroene bladeren en vanaf de zomer verschijnen grote aantallen hangende bloemen. De combinatie van fijne bladeren, slanke twijgen en talrijke kleine bloemen geeft de struik een veel luchtiger uiterlijk dan heesters met grote bloemschermen.

De habitus verschilt daarmee ook duidelijk van veel moderne potfuchsia's. 'Riccartonii' vormt geen compacte perkplant, maar ontwikkelt zich als een echte houtige tuinheester.

Bij voldoende ruimte kan de struik uiteindelijk ongeveer 100 tot 150 cm breed worden. Door zijn goede vertakking is 'Riccartonii' bovendien geschikt voor een losse bloeiende haag, vooral op beschutte plaatsen.


4. Blad en sierwaarde van bellenplant (Fuchsia magellanica 'Riccartonii')

Het blad van 'Riccartonii' is relatief klein en vormt daardoor een fijne achtergrond voor de opvallende bloemen. De bladeren staan meestal tegenover elkaar of met drie bladeren in een krans rond de stengel.

De bladvorm varieert van ovaal tot smal lancetvormig. De top loopt spits toe en langs de bladrand staan kleine tandjes. Daardoor heeft het blad van dichtbij een fijn getekende structuur.

De bovenzijde is donkergroen en vrij mat. Vooral jong blad en bladeren op zonnige scheuten kunnen daarnaast een lichte bronzen of roodachtige tint krijgen. De rood getinte jonge twijgen versterken dit kleureffect.

Tijdens de zomer vormt het vele kleine blad een rustige groene massa waartegen de rode en paarse bloemen sterk afsteken. Juist doordat de bladeren relatief klein blijven, krijgen de talrijke hangende bloemen visueel veel ruimte.

Het blad blijft meestal tot ver in het najaar aan de struik. Na de eerste serieuze vorst verliest 'Riccartonii' uiteindelijk zijn bladeren. In een uitzonderlijk zacht en beschut klimaat kan de struik echter gedeeltelijk bladhoudend blijven.

De grootste sierwaarde ligt daarom niet in een uitgesproken herfstverkleuring. Het blad ondersteunt vooral de bijzonder lange bloei en de fijne structuur van de struik.

Wanneer de bovengrondse takken tijdens een koude winter terugvriezen, verdwijnt een deel van de houtige structuur. Toch loopt de plant in het voorjaar doorgaans opnieuw krachtig uit vanuit de basis. Daardoor herstelt het groene struikvolume relatief snel.


5. Bloei van bellenplant (Fuchsia magellanica 'Riccartonii')

Bellenplant 'Riccartonii' heeft een bijzonder lange bloeiperiode. De eerste bloemen verschijnen meestal in de zomer en vervolgens blijft de plant tot ver in september en oktober nieuwe bloemen produceren. Bij zacht herfstweer kan de bloei doorgaan tot de eerste stevige nachtvorst.

De bloemen zijn kleiner en verfijnder dan die van veel moderne grootbloemige fuchsia's. Juist daardoor passen ze goed bij het natuurlijke karakter van de struik.

Iedere bloem hangt aan een fijn bloemsteeltje vanuit een bladoksel. De smalle bloembuis is karmijn- tot scharlakenrood. Aan het uiteinde staan vier eveneens rode kelkbladen duidelijk naar buiten gericht.

Binnen deze rode kelk zit de veel donkerdere bloemkroon. De kroonbladeren zijn violet tot diep paarsviolet. Daardoor ontstaat een sterk contrast tussen de warme rode buitenzijde en het koele paarse bloemhart.

Uit de bloem steken lange meeldraden en een stijl naar beneden. Daardoor krijgt iedere bloem de karakteristieke sierlijke vorm die zo kenmerkend is voor fuchsia's.

Hoewel een afzonderlijke bloem vrij klein is, vormt een volwassen struik er zeer veel. De bloemen hangen verspreid langs de jonge twijgen en bewegen gemakkelijk in de wind. Daardoor ontstaat gedurende maanden een levendig beeld.

Na bestuiving kunnen kleine, donkerrode tot uiteindelijk bijna zwarte bessen ontstaan. Anders dan bij veel algemeen gekweekte sierplanten zijn fuchsiabessen niet giftig. Toch ligt de sierwaarde van 'Riccartonii' duidelijk vooral bij de langdurige bloei en niet bij de vruchtvorming.

De combinatie van kleine bloemen en grote aantallen maakt 'Riccartonii' vooral op enige afstand aantrekkelijk. Terwijl moderne fuchsia's vaak enkele opvallend grote bloemen dragen, geeft deze cultivar juist een continue wolk van kleine rood-paarse accenten door de struik.


6. Standplaats en bodem voor bellenplant (Fuchsia magellanica 'Riccartonii')

Bellenplant 'Riccartonii' groeit goed in de zon tot halfschaduw. Een plek met ochtend- of avondzon en enige bescherming tijdens de heetste uren van de dag is bijzonder geschikt. In de volle zon heeft de plant voldoende bodemvocht nodig om het blad fris te houden en langdurig te blijven bloeien.

Kies bij voorkeur een beschutte standplaats. Vooral koude en uitdrogende wind kan in de winter schade veroorzaken aan de bovengrondse takken. Een plek bij een muur, haag of tussen andere heesters biedt daarom voordelen.

De bodem moet vruchtbaar, humusrijk en vochthoudend maar goed doorlatend zijn. Tijdens het groeiseizoen gebruikt 'Riccartonii' behoorlijk wat water. Vooral tijdens warme en droge perioden kan een gelijkmatig vochtige bodem de bloei duidelijk ondersteunen.

Toch mag de grond in de winter niet langdurig waterverzadigd blijven. Op zware kleigrond kun je daarom compost en organische stof gebruiken om de bodemstructuur te verbeteren. Zorg er daarnaast voor dat overtollig regenwater voldoende kan wegzakken.

Op lichte zandgrond helpt compost juist om vocht en voedingsstoffen langer vast te houden. Een organische mulchlaag rond de voet van de struik vermindert bovendien de verdamping en beschermt tegelijkertijd de wortelzone.

Bellenplant verdraagt zure, neutrale en kalkhoudende grond. De zuurgraad is daardoor minder belangrijk dan een goede bodemstructuur, voldoende voedingsstoffen en een gelijkmatige vochtvoorziening.

Plant de basis van de stengels bij voorkeur enkele centimeters dieper dan het oorspronkelijke grondniveau. Daardoor bevinden slapende knoppen zich beschermd onder de grond en kan de struik na een strenge winter gemakkelijker vanuit de basis opnieuw uitlopen.


7. Toepassing en combinaties met bellenplant (Fuchsia magellanica 'Riccartonii')

Bellenplant 'Riccartonii' is vooral waardevol door zijn uitzonderlijk lange bloeiperiode. Vanaf de zomer tot diep in het najaar verschijnen steeds nieuwe rood-paarse bloemen. Daardoor kan de struik kleur geven op een moment waarop veel andere heesters hun belangrijkste bloei al achter de rug hebben.

Door zijn uiteindelijke hoogte van ongeveer 150 tot 200 cm past 'Riccartonii' goed achterin of in het midden van een ruime gemengde border. Daarnaast kun je de struik solitair gebruiken of meerdere planten combineren tot een losse bloeiende haag.

Geschikte combinatieplanten zijn onder andere:

  • herfstanemoon (Anemone hupehensis var. japonica 'Amaranthe') – bloeit eveneens laat in het seizoen en combineert de luchtige roze of witte bloemen mooi met de rood-paarse fuchsiabloemen;
  • Kaukasisch vergeet-mij-nietje (Brunnera macrophylla) – vormt een lage bladrijke onderbeplanting op een humusrijke plek in halfschaduw;
  • ooievaarsbek (Geranium) – bedekt de bodem rond de struik en zorgt eerder in het seizoen voor aanvullende bloei;
  • kerstroos (Helleborus) – voegt winter- en voorjaarsbloei toe wanneer de bellenplant bovengronds nog nauwelijks actief is;
  • Japans berggras (Hakonechloa macra) – zorgt met zijn overhangende grasachtige blad voor een rustig contrast met de fijne fuchsiatwijgen;
  • herfstsiergras (Pennisetum alopecuroides) – combineert zachte bloeiaren met de langdurige bloei van de bellenplant op een voldoende lichte standplaats;
  • prachtspirea (Astilbe) – past goed op een humusrijke en voldoende vochthoudende plek en voegt eerder in de zomer bloempluimen toe;
  • varens – vormen een rustige groene onderbeplanting aan de beschaduwde zijde van de struik.

De rood-paarse bloemen combineren goed met wit, zachtroze, lichtblauw en verschillende groentinten. Ook donker blad kan een sterk contrast geven, maar gebruik daarvan niet te veel wanneer de struik op een schaduwrijke plek staat.

Ontwerptip: ik gebruik 'Riccartonii' graag als losse bloeiende heester tussen vaste planten in plaats van hem helemaal achter in een struikvak te verbergen. Plaats hem zo dat de dunne overhangende twijgen gedeeltelijk boven lagere planten kunnen uitgroeien. Daardoor blijven de hangende bloemen van dichtbij goed zichtbaar en krijgt de border vanaf de zomer een extra verticale laag.


8. Groeiwijze en onderhoud van bellenplant (Fuchsia magellanica 'Riccartonii')

Bellenplant 'Riccartonii' groeit snel en vormt vanuit de basis veel opgaande scheuten. Een goed gevestigde plant kan daardoor ieder groeiseizoen een forse struik vormen, zelfs wanneer een deel van de bovengrondse takken tijdens de winter is ingevroren.

De mate waarin de takken overwinteren hangt sterk af van standplaats en wintertemperatuur. In een zachte winter blijven veel verhoute stengels behouden. Na een strenge winter kunnen de takken echter tot dicht bij de grond terugvriezen.

Wacht in het voorjaar totdat duidelijk zichtbaar is welke delen opnieuw uitlopen. Knip vervolgens dood en ingevroren hout terug tot gezond hout. Wanneer vrijwel alle takken zijn afgestorven, kun je de struik dicht boven de grond terugsnoeien.

Ook bij planten die nauwelijks vorstschade hebben opgelopen, helpt een voorjaarssnoei om een compacte en goed vertakte struik te behouden. Verwijder enkele oudere of zwakke takken en kort lange scheuten zo nodig in.

De nieuwe groei verschijnt vanuit bestaande knoppen of vanuit de basis. Daardoor herstelt 'Riccartonii' na snoei doorgaans snel. Bovendien bloeit de plant op jonge scheuten, zodat een voorjaarssnoei de zomerbloei niet verhindert.

Geef in het voorjaar een laag compost rond de voet. Op arme grond kun je daarnaast een matige hoeveelheid organische mest gebruiken. Vermijd echter overmatige bemesting, want een zeer sterke bladgroei hoeft niet automatisch tot meer bloemen te leiden.

Tijdens warme en droge perioden heeft bellenplant regelmatig water nodig. Vooral tijdens de bloei kan uitdroging ertoe leiden dat bloemknoppen afvallen en de bloei tijdelijk afneemt.

Laat in het najaar de bovengrondse takken bij voorkeur staan. Ze bieden enige bescherming aan de basis van de plant. Breng op koude of onbeschutte standplaatsen bovendien een mulchlaag van bladeren, compost of ander organisch materiaal rond de wortelzone aan.


9. Vermeerdering van bellenplant

Bellenplant 'Riccartonii' kun je gemakkelijk vegetatief vermeerderen. Stekken vormt daarbij de eenvoudigste en betrouwbaarste methode. Zo behoud je bovendien alle eigenschappen van de cultivar.

Neem in het voorjaar of de vroege zomer zachte stekken van gezonde jonge scheuten. Gebruik scheuttoppen zonder bloemknoppen en verwijder de onderste bladeren. Plaats de stekken vervolgens in een luchtig en licht vochtig stekmedium.

Houd het substraat gelijkmatig vochtig en bescherm de stekken tegen felle zon. Onder warme omstandigheden ontwikkelen de jonge scheuten doorgaans vrij gemakkelijk wortels.

Later in de zomer kun je ook halfverhoute stekken nemen. Daarbij gebruik je scheuten waarvan de basis al iets steviger is geworden. Ook deze stekken wortelen goed wanneer ze voldoende warmte en een gelijkmatige vochtigheid krijgen.

Na de beworteling kun je de jonge planten afzonderlijk oppotten. Laat ze eerst een goed wortelgestel ontwikkelen voordat je ze in de volle grond uitplant.

Zaaien is mogelijk bij het geslacht Fuchsia, maar is voor 'Riccartonii' niet geschikt wanneer je precies dezelfde cultivar wilt behouden. Zaailingen kunnen namelijk afwijken in bloemkleur, groeikracht, winterhardheid en andere eigenschappen.

Voor het zuiver behouden van Fuchsia magellanica 'Riccartonii' heeft vermeerdering door zachte of halfverhoute stekken daarom de voorkeur.


10. Verwante soorten en cultivars van Fuchsia

Onderstaande soorten en cultivars worden regelmatig of recent in Nederland en België gekweekt of verkocht.

  • Fuchsia magellanica – de botanische soort; een langbloeiende Zuid-Amerikaanse heester met kleine hangende rood-paarse bloemen en een losse, opgaande groei.
  • Fuchsia magellanica var. alba – lichtbloeiende vorm met bleekroze tot vrijwel witte kelkbladen en een lichte bloemkroon; geeft een veel zachter kleurbeeld dan 'Riccartonii'.
  • Fuchsia magellanica var. gracilis 'Aurea' – compacte geelbladige vorm met goudgeel tot geelgroen blad en scharlakenrode bloemen met donkerpaarse kroonbladeren.
  • Fuchsia magellanica var. gracilis 'Variegata' – compacte bontbladige cultivar met kleine groen-grijze bladeren met crèmewitte randen en rood-paarse bloemen.
  • Fuchsia magellanica var. gracilis 'Versicolor' – bontbladige cultivar met grijsgroen blad, crèmekleurige randen en een opvallende roze blos aan het jonge blad; bloeit rood met paars.
  • Fuchsia magellanica 'Riccartonii' – krachtige en relatief zeer winterharde cultivar met donkergroen blad en talrijke karmijnrode bloemen met een donker violetpaarse kroon.


11. Bellenplant (Fuchsia magellanica 'Riccartonii') en biodiversiteit

Bellenplant 'Riccartonii' draagt tijdens zijn lange bloeiperiode duidelijk bij aan de biodiversiteit in de tuin. Vanaf de zomer tot diep in het najaar verschijnen voortdurend nieuwe bloemen, waardoor insecten gedurende een lange periode voedsel kunnen vinden.

De hangende bloemen bevatten nectar en trekken vooral hommels en andere insecten aan die goed bij de langgerekte bloemvorm kunnen komen. Ook andere bestuivers bezoeken de bloemen geregeld. Daardoor vormt 'Riccartonii' een waardevolle aanvulling op een beplanting waarin verschillende soorten elkaar in bloeitijd opvolgen.

De bloei kan doorgaan tot oktober en bij zacht weer zelfs tot de eerste stevige nachtvorst. Juist in het najaar neemt het aantal bloeiende planten af. Daardoor krijgen de laat verschijnende fuchsiabloemen extra betekenis binnen een insectvriendelijke tuin.

Na bestuiving kunnen donkerrode tot bijna zwarte bessen ontstaan. Vogels kunnen deze vruchten eten en helpen daarmee bij de verspreiding van de zaden. Voor de sierwaarde spelen de bessen echter een kleinere rol dan de bloemen.

De dicht vertakte struik biedt daarnaast beschutting aan kleine dieren en insecten. Wanneer een deel van de oudere takken in zachte winters behouden blijft, ontstaat bovendien ook buiten het groeiseizoen enige structuur.

Combineer 'Riccartonii' voor een grotere biodiversiteitswaarde met planten die al vroeg in het voorjaar bloeien en met soorten die verschillende bloemvormen aanbieden. Zo ontstaat gedurende een groot deel van het jaar een gevarieerd voedselaanbod.


12. Problemen en ziekten bij deze bellenplant

Bellenplant 'Riccartonii' is relatief sterk, maar kan onder ongunstige omstandigheden last krijgen van enkele ziekten en plagen. Een gezonde standplaats en een luchtige groei verkleinen de kans op problemen.

Bladluizen kunnen zich vooral op jonge scheuten en bloemknoppen verzamelen. Meestal blijft de schade beperkt. Natuurlijke vijanden zoals lieveheersbeestjes en zweefvlieglarven helpen de aantasting vaak vanzelf onder controle te houden.

Ook witte vlieg kan soms voorkomen, vooral op beschutte en warme plaatsen. Controleer bij twijfel de onderzijde van het blad, waar deze kleine insecten zich vaak bevinden.

Spint kan optreden tijdens warme en droge perioden. Het blad krijgt dan kleine lichte stippen en kan later verdrogen. Een gelijkmatige vochtvoorziening helpt om de plant vitaal te houden.

Bij langdurig natte omstandigheden kunnen schimmelproblemen ontstaan. Een goed doorlatende bodem en voldoende lucht rond de takken verkleinen dit risico. Geef water bij voorkeur op de grond en houd het blad zo veel mogelijk droog.

Wintervorst vormt een belangrijker praktisch aandachtspunt. Hoewel 'Riccartonii' goed winterhard is, kunnen bovengrondse takken tijdens strenge winters gedeeltelijk invriezen. Wacht in het voorjaar tot duidelijk zichtbaar is welke delen nog leven en snoei daarna alleen het dode hout weg.

Ook een langdurig natte winterbodem kan schade veroorzaken. Zorg daarom voor een humusrijke maar goed doorlatende grond en vermijd plekken waar regenwater lang rond de wortels blijft staan.


13. Veelgestelde vragen over bellenplant (Fuchsia magellanica 'Riccartonii')

Hoe hoog wordt bellenplant 'Riccartonii'?

Bellenplant 'Riccartonii' wordt meestal ongeveer 150 tot 200 cm hoog en ongeveer 100 tot 150 cm breed. In een zacht klimaat en op een beschutte standplaats kan een oudere struik nog wat groter worden.

Wanneer bloeit bellenplant 'Riccartonii'?

'Riccartonii' bloeit meestal van juli tot oktober. Bij zacht herfstweer kan de bloei doorgaan tot de eerste stevige nachtvorst.

Is bellenplant 'Riccartonii' winterhard?

Ja. 'Riccartonii' behoort tot de beter winterharde fuchsia's en heeft volgens de RHS winterhardheidsklasse H6. Tijdens strenge winters kunnen de bovengrondse takken wel gedeeltelijk invriezen.

Is bellenplant 'Riccartonii' wintergroen?

Nee. In Nederlandse en Belgische tuinen verliest de struik meestal zijn blad in de herfst of winter. Alleen in uitzonderlijk zachte omstandigheden kan een deel van het blad langer aan de takken blijven.

Welke standplaats heeft bellenplant 'Riccartonii' nodig?

'Riccartonii' groeit goed in zon tot halfschaduw. Een beschutte plek met voldoende bodemvocht geeft meestal het beste resultaat en helpt bovendien om vorst- en windschade te beperken.

Welke bodem heeft bellenplant 'Riccartonii' nodig?

Bellenplant groeit het liefst in een vruchtbare, humusrijke en vochthoudende maar goed doorlatende bodem. Laat de grond tijdens de zomer niet langdurig uitdrogen en voorkom tegelijkertijd stilstaand winterwater.

Moet bellenplant 'Riccartonii' ieder jaar worden gesnoeid?

Een jaarlijkse lichte voorjaarssnoei helpt om een compacte en rijk vertakte struik te behouden. Verwijder daarnaast dood en ingevroren hout zodra in het voorjaar duidelijk zichtbaar is welke takken opnieuw uitlopen.

Kan bellenplant 'Riccartonii' als haag worden gebruikt?

Ja. Op een beschutte standplaats kun je meerdere planten gebruiken voor een losse, rijkbloeiende haag. Houd er wel rekening mee dat strenge vorst de bovengrondse delen tijdelijk kan verkleinen.

Is bellenplant 'Riccartonii' aantrekkelijk voor bijen en hommels?

Ja. Vooral hommels bezoeken de langwerpige bloemen graag vanwege de nectar. Dankzij de lange bloeiperiode vormt 'Riccartonii' ook later in het seizoen een nuttige aanvulling voor bestuivers.

Kan bellenplant 'Riccartonii' in een pot groeien?

Ja, maar gebruik een ruime pot met voedzame potgrond en goede drainage. Geef tijdens warme perioden regelmatig water. In de volle grond ontwikkelt de struik zich doorgaans gemakkelijker tot een grote en langdurig sterke plant.


14. Conclusie over bellenplant (Fuchsia magellanica 'Riccartonii')

Bellenplant (Fuchsia magellanica 'Riccartonii') is een opvallend sterke fuchsia die zich duidelijk onderscheidt van de vorstgevoelige potfuchsia's. Op een beschutte standplaats kan deze cultivar jarenlang als vaste tuinheester groeien en ieder seizoen opnieuw een forse struik vormen.

De lange bloeiperiode is een van de grootste kwaliteiten. Vanaf juli verschijnen voortdurend nieuwe karmijnrode en violetpaarse bloemen en vaak gaat deze bloei door tot diep in oktober. Daardoor zorgt 'Riccartonii' juist laat in het tuinseizoen voor veel kleur.

De losse, fijn vertakte groei maakt de struik bovendien gemakkelijk te combineren met vaste planten en andere heesters. Vooral in een gemengde border, cottagegarden of losse bloeiende haag komt het natuurlijke karakter goed tot zijn recht.

Voor een goede ontwikkeling zijn een humusrijke, vochthoudende maar goed doorlatende bodem en een beschutte standplaats belangrijk. Tijdens strenge winters kunnen takken terugvriezen, maar een goed gevestigde plant loopt doorgaans krachtig opnieuw uit vanuit de basis.

Ook voor insecten heeft de cultivar waarde. De langdurige bloei levert tot laat in het seizoen nectar, terwijl de dicht vertakte struik extra structuur en beschutting biedt.

Met zijn lange bloei, opvallende tweekleurige bloemen en goede winterhardheid is 'Riccartonii' daarom een bijzonder bruikbare bellenplant voor Nederlandse en Belgische tuinen. Vooral wanneer een losse heester gewenst is die vanaf de zomer tot ver in het najaar kleur blijft geven, vormt deze cultivar een sterke keuze.


Maak een schetsafspraak

Heeft u hulp nodig bij het maken van een tuinontwerp en/of het samenstellen van een beplantingsplan? Maak dan een afspraak met de Schetsservice!

Plantcategorie Vaste plant,Sierheester
Plantgebruik: Cottagetuin,Jungletuin of Tropische tuin,Mediterrane tuin,Moderne tuin,Orangerieplant (in een kuip of bak),Patiotuin,Vaste plantenborder
Nederlandse naam: Bellenplant
Synoniem naam: Fuchsia
Plantenherkomst: Zuid-Amerika
Grondsoort: veen,humeus zand,potgrond,humeuze grond
Lichtbehoefte: zon
Bloeikleur: meerkleurig
Bloeiperiode: zomer
Planthoogte: 1.00-1.50 m
Bloemgeur: nee
Bladkleur: groen
Bladgrootte: klein 0-5 cm
Wintergroen: nee
Herfstkleur: nee
Aantrekkelijk voor vogels: nee
Aantrekkelijk voor bijen, hommels en vlinders: ja
Winterhard: redelijk
Giftig voor mens en dier: nee
Plantbeschrijving : Bellenplant (Fuchsia magellanica 'Riccartonii') is een sterke, winterharde fuchsia met talloze sierlijke rood-paarse bloemen die maandenlang aan de overhangende twijgen verschijnen.
Mestbehoefte: jaarlijks mesten
Vochtbehoefte: droog
Windbeschutting gewenst: ja
Aantal per m2: 2